do 27 aug 2009, 11:48 Door: DAG
Ben Brandenburg is een veertiger uit Utrecht en vader van een tienerzoon en -dochter. Tijdens een vakantie in Zwitserland met zijn zoon raakt hij besmet met de Mexicaanse griep. Voor DAG hield hij een dagboek bij.
Hoeveel was kan een 15-jarige zoon in vier weken produceren? Dat weet ik nu. Ik heb de afgelopen week samen met zoon Jop in Zwitserland doorgebracht, waar hij terecht was gekomen na drie weken vakantie met z’n moeder. Het is een goeie week geweest, met veel vrijheid voor ons allebei en voldoende contact om te voelen dat we vader en zoon zijn. We zaten aan tafel bij Adrie, die samen met z’n vriendin, z’n ex en hun zoon van 12 in het hotel was. Het was een verademing om te zien hoe dit merkwaardig samengestelde gezelschap met elkaar omging. Geen valsigheid of rancune te bespeuren.
Het was deze Adrie naar wie mijn gedachten zojuist uitgingen. Adrie voelde zich woensdagavond bij het eten niet fit en de drie dagen daarna is hij ziek in bed gebleven. En zojuist vertelde een mailtje me dat Adrie de Mexicaanse griep had. Ach, ik had een paar uur naast Adrie aan tafel gezeten zonder hem te zoenen of z’n vingers af te likken. Het zou wel loslopen. Vanmiddag wacht het Vondelpark. Een paar uurtjes meezingen met Acda en de Munnik op uitnodiging van een lieve vriendin. Wel even op internet opgezocht hoe het zit met incubatietijd, enzo. Incubatietijd 72 uur, las ik ergens. Even zien: donderdag, vrijdag, zaterdag….ik zat goed. Als Adrie mij besmet had, was ik nu al ziek geweest. De fans van Acda en de Munnik hebben niets van mij te vrezen.
Virussen kunnen niet tellen. Ik herken slappigheid als ik het voel. Na een heerlijke dag gisteren sloeg het ’s avonds laat al een beetje toe: rillerig op de fiets naar huis. Keelpijn. Vanochtend heb ik even geen tijd voor wat voor griep dan ook. Er wordt een steiger tegen de gevel geplaatst en daarvoor moet mijn schuurtje half tegen de grond. Het steiger-opperhoofd weet me te vertellen dat ze om 10 uur bij mij in de tuin staan. Het is gelukkig zo warm dat mijn doorweekte T-shirt helemaal niets met griep te maken hoeft te hebben. De lichte hoofdpijn, de darmkramp en de spierpijn in m’n benen lachen me zachtjes uit. Face it, loser! Je gebrekkige weerstand heeft het weer eens niet gered: je hebt Mexicaanse griep gekregen en er niet eens lekker voor gezoend.
Veel productiefs komt er vandaag niet meer uit m’n handen. Een beetje rondgemaild aan m’n klanten dat ik even uit de roulatie zal zijn. Nog wel de weekboodschappen gedaan op de fiets. Net als na de steigerwerkzaamheden gevolgd door een hazenslaapje van twee uur. Het veelgeprezen co-ouder overleg leverde op dat Jop bij mij blijft bivakkeren. Hij moet zo snel mogelijk die griep krijgen, want er komt over een paar weken een Europees Kampioenschap Frisbee aan waaraan hij mee moet doen. Dan kun je de griep maar beter verteerd hebben. Dochter Minke moet donderdag naar Lowlands, dus die kan maar beter even uit de gevarenzone blijven.
Jop voelt meteen de nare consequenties van eerlijkheid. Twee afspraken met vriendinnen werden afgezegd, nadat hij vertelde over de Mexicaanse toestand van zijn vader. Allebei geïnitieerd door hun vaders die het er niet bij konden hebben, want ze hadden het zo druk op hun werk. Ach, hoe naïef. Ook gij zult waarschijnlijk getroffen worden, noeste arbeiders. Toen ik me er eenmaal bij had neergelegd dat mijn planning een paar dagen de koelkast in moest, was het best uit te houden. Lekker veel slapen en ik voel me niet al te beroerd. Niks mis mee. Mexicaanse temperaturen, Mexicaans tempo. Mañana, hombre!
Koorts! Niet veel, maar genoeg om slecht van te slapen. De hele nacht warrige ijldromen tussen klamme lakens. Tegen de morgen was het leed weer geleden en de koorts verdwenen. Heerlijk uitgeslapen. Symptomen: beetje slappig, veel slaapzin, beetje hoofd- en spierpijn, droog hoesterig. Is dit nou die veelbesproken Mexicaanse griep? Wat een mediadrukte om niets!
’s Middags met Jop de puinhoop in de tuin een beetje opgeruimd. Eigenlijk heb ik nauwelijks iets gegeten vandaag, zonder dat ik misselijk ben. Gewoon geen honger en vooral geen puf om iets te maken. Jop overleeft op zelfgemaakte shoarma. Hij maakt er zelfs goeie sla bij!
Au! De koorts is niet teruggekomen, maar er is iets niet goed gegaan met m’n rugspier. Zelfs liggen is pijnlijk, dus regelmatige paracetamollen moeten voor verlichting zorgen. Ik slaap en slik. Jop moet het een beetje in z’n eentje redden. Arme jongen: in quarantaine gedaan met een zieke vader die alleen maar slaapt. Hij vertoont zelf geen spoor van griep.
Inmiddels komen de eerste reacties van vrienden en bekenden binnen, zo wisselend als het weer. “Interessant” wordt ik gevonden, maar ook “IEEHH”. Niemand heeft enig idee of ik nu bijna dood ben of niet en of ik al dan niet Tamiflu op heb of ingeënt wordt. Niets van dit alles. ’s Avonds is de rugspier zo verdoofd dat ik me eigenlijk prima voel. Morgen weer voorzichtig aan het werk.
Not! Zodra ik mijn ogen opendoe weet ik dat het mis is. Het is 11 uur ’s ochtends en m’n lakens kleven om me heen. Als ik een goeie hap adem neem scheuren m’n longen uit elkaar en verdwijn ik in een hoestbui. Zo eentje waarbij er scheermesjes en gemalen glas in je longen worden rondgeblazen. Ik was bijna beter!
Als ik de doktersassistente aan de lijn heb schrik ik van het stemgeluid dat ik voortbreng. Ik kan ongeveer drie woorden zeggen voor ik buiten adem ben. De dokter zal terugbellen, ik mag niet langskomen. Ha, alsof ik voldoende zuurstof kan happen om de voordeur te halen. Terug van de WC overvalt een hoestbui me en blijf ik half in bed, half op de grond liggen, zoekend naar adem en wachtend tot de scheermessen m’n longen uit zijn. Jop treft me zo aan en schrikt. Wat moet je als vijftienjarige met een hulpeloze vader? Ik hoop dat ik hem kan geruststellen met mijn Tom Waits stemgeluid.
Zweten, rillen, ijlen. Kippenvel terwijl het buiten 37 graden is. Ik ben toevallig lekker warmer. Ik zing liedjes, dat helpt bij koorts. De dokter belt en zal langskomen. IJlen, rillen, zweten. Paracetamol is mijn beste vriend. Ik dwing mezelf onder de douche: geen dokter die mij gaat onderzoeken na drie dagen ongewassen in bed liggen. De dokter komt, met ingewikkeld mondkapje en huishoudhandschoenen aan, die ze hier beide zal achterlaten. Als dank voor het aangenaam verpozen. Eigenlijk neemt ze alleen m’n temperatuur op en luistert naar het geluid dat de cirkelzaag in mijn longen maakt als ik ademhaal. Ik moet aangeven of de pijn links of rechts in mijn longen zit. Als ik aangeef dat de pijn precies in het midden zit, moet ik nog eens opnieuw voelen. Wonderlijk. Wat zou er in mijn linker long zitten dat niet in de rechter zit? En wanneer zou dit dan wel of niet pijn doen? Als ik uitleg ga vragen krijgt de dokter het nog benauwder dan ze het nu al heeft achter dat mondkapje.
Het mysterie van de incubatietijd wordt wel opgelost door de dokter. Zeven dagen is de magische termijn. Die 72 uur van zondag slaat echt nergens op: tot zover de betrouwbaarheid van Internet. De periode van 7 dagen zit tussen besmet raken en wel of niet ziek worden. Dat is de incubatietijd. Ben je eenmaal ziek, dan geldt die 7 dagen als periode waarin je besmettelijk bent voor je omgeving. En die besmettelijkheid start al 1 dag voor je je zelf ziek voelt, dus kun je alleen achteraf weten dat je al een dag de boel liep te vergiftigen.
Over Tamiflu wordt niet gesproken. Minister Klink mag z’n doses houden: antibiotica moet er komen, ondanks mijn protesten. Ik hou niet van dat spul. We mogen het niet ophalen, ook Jop niet, want de apotheek wil geen virus in de designwinkel. Het wordt verplicht thuisbezorgd. Dat betekent 5 uur wachten op het medicijn. Als ik intussen sterf klaag ik ze aan.
Dokter’s instrumenten gaan in een plastic zak van ons met Media Markt opdruk, want die moeten eerst gedesinfecteerd voor er een ander mee besmet wordt. Bij het afscheid laat ik de dokter weten dat we volgende keer wel weer zoenen, nu even niet. Slechte grap, slechte timing. Het zal de koorts wel zijn, normaal heb ik dat nooit. Om half 6 wordt er gebeld. Als ik de deur open heb gedaan zie ik een man een auto instappen. Hij kijkt niet of er iemand naar de deur is gekomen. Ik verwacht een pakje op de stoep of zo. Ze blijken in de brievenbus te liggen, mijn levensreddende medicijnen. Ze mogen even in de koelkast, morgen kijken we verder.
Ontlading, onweer, plensbuien en over een breed front daling van de temperatuur. Die nacht ontrafel ik het universum. Als een soort Rubick’s Cube, maar dan onregelmatiger en creatiever. Als ik een stukje oplossing gevonden heb, kan ik dat van het “Alles” afkoppelen en terzijde laten zweven. Alles zoomt steeds meer in, de puzzels worden gedetailleerder, maar ik krijg er handigheid in. Ruim voor de wekker afloopt is het volbracht.
Geen geheimen meer voor mij in dit bestaan, ik heb alle knopen ontward, alle problemen gladgestreken. De koorts is weg en ik heb honger. De radio kletst uit z’n nek over de onzin van een weeralarm. Met de hulp van een stuk of 20 paracetamollen en wat geduld heb ik de Mexicaanse griep overleefd. Straks die antibiotica maar eens terugbrengen naar de apotheek. En dan flink hoesten.
Hoe PVV is Job Cohen?
Bölöni: 'Punt tegen AZ kan heel belangrijk worden'
Sexy carwash babes maken borst nat
Daniëlle Oerlemans gaat voor de miljoen
Niemand ontsnapt aan de zorg van Daphne!
Nieuwe animatiefilm 'Up': dat wordt weer lachen!
Wat is waar?
Viktor Lima | do 27 aug 2009, 17:10Een Franse viroloog heeft gezegd dat de A/H1N1 griep 100 keer erger is dan de jaarlijkse seizoensgriep. Met name gezonde jonge mensen zouden dodelijk slachtoffer kunnen worden van het virus.
Het kenmerk van de Spaanse griep van 1918 zag het zelfde afwijkende beeld van een normale griep epidemie.
De verantwoordelijke autoriteiten met zicht op de statistieken zouden hun verantwoordelijkheid moeten nemen. Doen ze dat niet zouden vele onodige sterfgevallen het resultaat zijn. Reken in dat geval op het afleggen van rekenschap aan het volk.